Wanneer loyaliteit meer kost dan ze oplevert
Over destructieve loyaliteit, parentificatie, geven en ontvangen en de onzichtbare krachten binnen families
Door Fred Hooft, systeemtherapeut
Een van de meest invloedrijke inzichten binnen de systeemtherapie komt van Ivan Boszormenyi-Nagy.
Hij beschreef iets wat veel mensen intuïtief herkennen, maar moeilijk onder woorden kunnen brengen:
Dat familiebanden vaak veel sterker zijn dan logica.
Dat mensen keuzes maken die tegen hun eigen belang ingaan.
Dat ze blijven zorgen voor ouders die hen tekortdeden.
Dat ze schuld voelen wanneer ze grenzen stellen.
Dat ze zich verantwoordelijk voelen voor problemen die niet van hen zijn.
En dat allemaal vanuit iets wat Nagy loyaliteit noemde.
Niet de bewuste loyaliteit die ontstaat uit liefde of dankbaarheid.
Maar de diepe, existentiële loyaliteit die voortkomt uit het feit dat we verbonden zijn met degenen van wie we afstammen.
Veel mensen spreken over loyaliteit alsof het een karaktereigenschap is.
Alsof je ervoor kiest loyaal te zijn.
Vanuit contextueel denken ligt dat anders.
Kinderen zijn vanaf hun geboorte verbonden met hun ouders.
Die verbondenheid ontstaat niet omdat ouders perfect zijn.
Niet omdat ze liefdevol zijn.
En zelfs niet omdat ze beschikbaar zijn.
De band bestaat simpelweg omdat zij de ouders zijn.
Daardoor blijven veel kinderen loyaal, zelfs wanneer die loyaliteit pijn doet.
Zelfs wanneer er sprake is van verwaarlozing.
Zelfs wanneer er sprake is van mishandeling.
Zelfs wanneer ouders emotioneel afwezig zijn.
Voor een kind voelt het vaak veiliger om zichzelf tekort te doen dan de verbinding met een ouder in twijfel te trekken.
De onzichtbare loyaliteiten
Veel van deze loyaliteiten blijven onzichtbaar.
Ze worden zelden uitgesproken.
De dochter die nooit verder durft te groeien dan haar moeder.
De zoon die succes ongemakkelijk vindt omdat zijn vader altijd heeft geworsteld.
Het kind dat onbewust verdriet blijft dragen dat eigenlijk bij een ouder hoort.
De volwassene die zich schuldig voelt zodra hij voor zichzelf kiest.
Op het eerste gezicht lijken dit individuele problemen.
Vanuit systeemtherapie worden ze vaak begrepen als uitingen van onderliggende loyaliteiten.
Onzichtbare banden die generaties kunnen overspannen.
Parentificatie: wanneer een kind te vroeg gaat zorgen
Een van de bekendste voorbeelden hiervan is parentificatie.
Parentificatie ontstaat wanneer een kind verantwoordelijkheden krijgt die eigenlijk bij volwassenen horen.
Het kind zorgt voor broertjes en zusjes.
Neemt huishoudelijke taken over.
Wordt de helper van een ouder.
Maar parentificatie is vaak subtieler.
Sommige kinderen worden emotionele steunpilaren.
Worden de vertrouwenspersoon van een ouder.
Houden de vrede binnen het gezin.
Het probleem is niet dat kinderen helpen.
Het probleem ontstaat wanneer een kind structureel meer geeft dan het ontvangt.
Wanneer het kind leert dat de behoeften van anderen belangrijker zijn dan die van zichzelf.
Binnen de contextuele therapie speelt de balans tussen geven en ontvangen een centrale rol.
Relaties zijn gezond wanneer er voldoende wederkerigheid bestaat.
Wanneer mensen zowel mogen geven als ontvangen.
Kinderen horen veel te ontvangen.
Niet omdat ze egoïstisch zijn.
Maar omdat zij afhankelijk zijn van zorg, bescherming, erkenning en begeleiding.
Wanneer die balans langdurig verstoord raakt, ontstaan vaak problemen.
Mensen leren dan vooral te geven.
Verantwoordelijkheid te nemen.
Maar ontvangen voelt ongemakkelijk.
Hulp vragen voelt lastig.
Afhankelijkheid voelt onveilig.
Veel volwassenen die bekendstaan als zorgzaam, blijken diep van binnen moeite te hebben om zelf iets nodig te hebben.
Loyaliteit wordt problematisch wanneer zij iemand belemmert om gezond voor zichzelf te zorgen.
Dan spreken we soms van destructieve loyaliteit.
De volwassen dochter die haar eigen gezin verwaarloost om voor haar moeder te blijven zorgen.
De zoon die grenzen niet durft te stellen omdat hij zich verantwoordelijk voelt voor het geluk van zijn ouders.
De partner die zichzelf blijft wegcijferen uit schuldgevoel.
De volwassene die zichzelf geen succes gunt uit loyaliteit aan een ouder die ongelukkig bleef.
Destructieve loyaliteit ontstaat meestal niet uit zwakte.
Vaak ontstaat zij uit liefde.
Uit verantwoordelijkheid.
Maar wat ooit een poging was om de verbinding te behouden, kan uiteindelijk ten koste gaan van het eigen leven.
Een van de meest bijzondere concepten van Nagy is het idee van relationele rechtvaardigheid.
Mensen hebben een diep gevoel voor eerlijkheid in relaties.
Niet alleen financieel of praktisch.
Kinderen voelen vaak feilloos aan wanneer zij te weinig ontvangen.
Wanneer zij te veel moeten dragen.
Wanneer hun behoeften structureel ondergeschikt raken.
Dat betekent niet dat mensen voortdurend gaan afrekenen.
Maar wel dat onrecht vaak gevolgen heeft.
In de manier waarop iemand voor zichzelf zorgt.
De rekening komt vaak later
Veel mensen die als kind parentificatie hebben meegemaakt functioneren jarenlang ogenschijnlijk goed.
Ze zijn verantwoordelijk.
De omgeving bewondert hun kracht.
Maar onder die kracht schuilt soms een groot tekort.
Een leven waarin zorgen vanzelfsprekend werd.
En ontvangen nauwelijks werd geleerd.
Vaak wordt dat pas zichtbaar wanneer iemand vastloopt.
Wanneer relaties moeilijk worden.
Wanneer uitputting ontstaat.
Of wanneer er eindelijk voldoende veiligheid ontstaat om stil te staan bij wat er vroeger ontbroken heeft.
Herstel betekent niet minder loyaal worden
Een veelvoorkomende misvatting is dat herstel betekent dat mensen minder loyaal moeten worden.
Vanuit contextuele therapie klopt dat niet.
Het doel is niet om loyaliteit te verbreken.
Het doel is om loyaliteit bewuster te maken.
Zodat iemand kan onderscheiden:
Wat hoort werkelijk bij mij?
En wat draag ik voor iemand anders?
En wat is verantwoordelijkheid die nooit van mij is geweest?
En wat geef ik omdat ik denk dat ik geen keuze heb?
Misschien begint vrijheid hier
Misschien begint psychologische vrijheid niet met loskomen van je familie.
Maar met het begrijpen van de krachten die daarin werkzaam zijn.
Met het herkennen van de onzichtbare loyaliteiten die je leven mee vormgeven.
Met het erkennen van wat je hebt gegeven.
Van wat je hebt ontvangen.
En van wat je misschien te lang alleen hebt gedragen.
Want pas wanneer die balans zichtbaar wordt, ontstaat er ruimte voor iets nieuws.
Niet minder verbondenheid.
Maar een vorm van verbondenheid waarin ook jijzelf een plek mag innemen.