Wanneer je kind iets in jou raakt dat niet over je kind gaat
Over projecties, triggers en intergenerationele patronen
Door Fred Hooft, systeemtherapeut
Soms doet een kind iets ogenschijnlijk kleins.
Het luistert niet.
Het trekt zich terug.
Het is boos.
Het zegt iets afwijzends.
En ineens merk je dat je reactie veel groter is dan je zou verwachten.
Je wordt overdreven boos.
Alsof er iets wordt geraakt dat verder gaat dan het huidige moment.
Niet alles wat je voelt ontstaat in het hier en nu
Als ouder reageren we niet alleen op ons kind.
We reageren ook vanuit onze eigen geschiedenis.
Vanuit eerdere ervaringen.
Vanuit wat we hebben geleerd over liefde, afwijzing, veiligheid en verbondenheid.
Meestal zijn we ons daar nauwelijks van bewust.
Totdat een kind precies op zo’n gevoelige plek terechtkomt.
Wanneer het verleden zich mengt in het heden
Een puber die afstand neemt kan bij een ouder gevoelens oproepen die veel ouder zijn dan de relatie met het kind.
Een kind dat boos wordt, kan iets raken van vroeger niet gezien worden.
Een kind dat voortdurend bevestiging vraagt, kan een ouder confronteren met eigen onzekerheid.
Dan reageren we niet alleen op het gedrag van het kind.
Maar ook op wat dat gedrag in ons wakker maakt.
Projecties zijn menselijk
In de psychologie noemen we dat soms projectie.
We schrijven gevoelens, verwachtingen of betekenissen toe aan een situatie die gedeeltelijk uit onszelf afkomstig zijn.
Dat betekent niet dat ouders iets fout doen.
Het betekent dat ouders mensen zijn.
Met onverwerkte ervaringen.
Juist daarom kunnen kinderen soms zulke krachtige spiegels zijn.
Intergenerationele patronen
Veel patronen worden niet bewust doorgegeven.
Een ouder die zelf weinig ruimte kreeg voor emoties, kan moeite hebben met de emoties van een kind.
Een ouder die altijd moest presteren, kan onrustig worden van een kind dat zijn eigen tempo kiest.
Een ouder die vroeger veel verantwoordelijkheid droeg, kan moeite hebben om een kind fouten te laten maken.
Niet omdat die ouder dat wil.
Maar omdat oude ervaringen onbewust meebewegen.
Het verschil tussen reageren en begrijpen
Opvoeden wordt vaak gemakkelijker wanneer ouders nieuwsgierig worden naar hun eigen reactie.
“Waarom doet mijn kind dit?”
“Waarom raakt dit mij zo?”
“Waar doet dit gevoel mij aan denken?”
“Is dit helemaal van nu, of speelt er meer mee?”
Dat zijn vaak belangrijke vragen.
Kinderen hebben geen ouders nodig die nooit geraakt worden.
Ze hebben ouders nodig die bereid zijn te onderzoeken wat er in hen gebeurt.
Want zodra we herkennen wat van onszelf is, hoeven we het minder bij onze kinderen neer te leggen.
En precies daar ontstaat ruimte.
Ruimte om werkelijk naar het kind te kijken.
In plaats van naar de oude pijn die ongemerkt mee aan tafel is komen zitten.
Fred Hooft
Systeemtherapeut