Wanneer je lichaam onthoudt wat je hoofd probeert te vergeten
Over de Window of Tolerance, dissociatie, fragmentatie, somatische reacties en posttraumatische groei
Door Fred Hooft, systeemtherapeut
Veel mensen denken bij trauma aan herinneringen.
Aan gebeurtenissen uit het verleden.
Aan beelden die blijven terugkomen.
Aan dingen die iemand heeft meegemaakt.
Maar trauma gaat vaak over meer dan herinneringen alleen.
Trauma verandert niet alleen wat iemand zich herinnert.
Het verandert ook hoe iemand zich veilig voelt.
Hoe iemand emoties ervaart.
Hoe iemand verbinding maakt met anderen.
En hoe iemand zijn eigen lichaam ervaart.
Daarom zie ik in de praktijk regelmatig mensen die zeggen:
“Ik weet dat ik veilig ben, maar zo voelt het niet.”
Of:
“Ik begrijp wat er gebeurd is, maar mijn lichaam reageert alsof het nog steeds gebeurt.”
Juist daar begint vaak een belangrijk deel van het traumaverhaal.
Trauma gaat niet alleen over wat er gebeurde
Een traumatische ervaring wordt vaak gezien als een gebeurtenis.
Maar vanuit moderne traumatheorie kijken we anders.
Niet iedereen die iets ingrijpends meemaakt ontwikkelt traumaklachten.
En niet iedereen met traumaklachten heeft één duidelijke traumatische gebeurtenis meegemaakt.
Trauma ontstaat vaak wanneer een ervaring groter is dan wat iemand op dat moment kan verwerken.
Wanneer er onvoldoende veiligheid, steun, regulatie of bescherming beschikbaar is.
Het probleem zit dan niet alleen in de gebeurtenis.
Maar in wat het zenuwstelsel ermee moest doen.
De Window of Tolerance
De psychiater Dan Siegel introduceerde het begrip Window of Tolerance.
Dit verwijst naar het gebied waarin iemand emoties, spanning en ervaringen voldoende kan verwerken zonder overspoeld of afgesloten te raken.
Binnen deze vensterzone kunnen mensen:
nadenken én voelen
contact maken met zichzelf én anderen
emoties ervaren zonder erin te verdrinken
spanning verdragen zonder vast te lopen
Wanneer de spanning te hoog wordt, verlaat iemand die zone.
En dan ontstaan vaak twee verschillende reacties.
Hyperarousal: het systeem gaat in de overdrive
Sommige mensen schieten boven hun Window of Tolerance.
Hun systeem wordt overactief.
Ze voelen:
angst
paniek
onrust
woede
voortdurende alertheid
Hun lichaam maakt zich klaar voor gevaar.
Hoewel er objectief misschien geen gevaar aanwezig is.
Ze slapen slecht.
Kunnen moeilijk ontspannen.
Schrikken snel.
En hebben vaak het gevoel voortdurend “aan” te staan.
Hypoarousal: het systeem trekt zich terug
Anderen reageren juist anders.
Hun systeem gaat niet harder werken.
Het gaat juist afsluiten.
Dit noemen we hypoarousal.
Mensen ervaren dan:
leegte
gevoelloosheid
afvlakking
vermoeidheid
afstand tot zichzelf
Soms beschrijven mensen dit alsof ze achter glas leven.
Alsof ze aanwezig zijn maar niet echt deelnemen.
Alsof ze kijken naar hun leven in plaats van het te beleven.
Dissociatie als bescherming
Een van de meest bijzondere beschermingsmechanismen van het menselijk brein is dissociatie.
Dissociatie betekent letterlijk een vorm van loskoppeling.
Niet omdat iemand iets verkeerd doet.
Maar omdat het systeem probeert te overleven.
Wanneer ervaringen te overweldigend zijn, kan het brein afstand creëren tussen wat er gebeurt en wat bewust wordt ervaren.
Dat kan subtiel zijn.
Dagdromen.
Niet meer weten wat er gezegd werd.
Het gevoel hebben afwezig te zijn.
Maar het kan ook veel sterker voorkomen.
Het bijzondere is dat dissociatie vaak geen probleem is dat opgelost moet worden.
Het is meestal een oplossing die ooit noodzakelijk was.
Fragmentatie: wanneer ervaringen niet één verhaal worden
Onder normale omstandigheden worden ervaringen geïntegreerd.
Ze worden onderdeel van een samenhangend levensverhaal.
Bij trauma lukt dat soms niet volledig.
Verschillende delen van de ervaring blijven als het ware los van elkaar bestaan.
Gevoelens.
Herinneringen.
Lichamelijke reacties.
Betekenissen.
Ze vormen geen geheel.
Dat noemen we soms fragmentatie.
Mensen weten bijvoorbeeld rationeel dat iets voorbij is.
Maar voelen het niet.
Of ervaren heftige lichamelijke reacties zonder direct te begrijpen waarom.
Het lichaam en het verhaal zijn dan nog niet volledig met elkaar verbonden.
Het lichaam spreekt mee
Een van de belangrijkste inzichten uit moderne traumabehandeling is dat trauma zich niet alleen uit in gedachten.
Het lichaam doet voortdurend mee.
Mensen ervaren bijvoorbeeld:
gespannen spieren
maag- en darmklachten
hoofdpijn
vermoeidheid
hartkloppingen
ademhalingsproblemen
chronische spanning
Dat betekent niet dat klachten “tussen de oren zitten”.
Het betekent juist dat lichaam en geest voortdurend met elkaar communiceren.
Het zenuwstelsel vertelt zijn eigen verhaal.
Soms lang voordat iemand woorden heeft gevonden.
Waarom herstel zo vermoeiend kan zijn
Veel mensen verwachten dat herstel vooral opluchting brengt.
Maar herstel kost vaak energie.
Want herstellen betekent niet alleen herinneringen verwerken.
Het betekent ook dat een zenuwstelsel nieuwe ervaringen moet leren.
Dat een lichaam leert dat gevaar voorbij is.
Dat emoties gevoeld mogen worden.
Dat verbinding veiliger kan zijn dan vroeger.
Dat vraagt tijd.
En herhaling.
En vaak veel meer geduld dan mensen zichzelf gunnen.
Posttraumatische groei
Wanneer mensen over trauma spreken, gaat het begrijpelijkerwijs vaak over schade.
Over wat verloren ging.
Over wat moeilijk blijft.
Maar er bestaat ook een ander fenomeen:
Posttraumatische groei.
Dat betekent niet dat trauma goed is.
Of dat mensen dankbaar moeten zijn voor wat hen is overkomen.
Dat zou het lijden tekortdoen.
Posttraumatische groei verwijst naar veranderingen die soms ontstaan nadat iemand zich door een ingrijpend herstelproces heeft bewogen.
Sommige mensen ontwikkelen:
meer zelfkennis
diepere relaties
meer compassie
duidelijkere grenzen
een sterker gevoel van betekenis
meer waardering voor het leven
Niet ondanks het trauma.
Maar doordat zij zich hebben moeten verhouden tot fundamentele vragen over veiligheid, kwetsbaarheid en mens-zijn.
Herstel is integratie
Vanuit traumaperspectief gaat herstel uiteindelijk niet alleen over minder klachten.
Het gaat over integratie.
Over het samenbrengen van wat ooit uit elkaar moest vallen om te kunnen overleven.
Het lichaam.
De emoties.
De herinneringen.
De betekenis.
Het verhaal.
Niet alles hoeft vergeten te worden.
Niet alles hoeft weg.
Maar het hoeft ook niet langer gescheiden te blijven.
Misschien is dat uiteindelijk wat herstel betekent.
Niet dat het verleden verdwijnt.
Maar dat het verleden een plek krijgt in een groter verhaal.
Een verhaal waarin trauma niet langer de hoofdrol speelt.
Maar onderdeel wordt van een leven dat opnieuw geleefd kan worden.
Door Fred Hooft, systeemtherapeut.