Wat gebeurt er met je wanneer je de enige bent?
Over erbij horen, anders zijn en de menselijke behoefte aan verbinding
Door Fred Hooft, systeemtherapeut
De meeste mensen staan er nauwelijks bij stil.
Totdat ze het zelf meemaken.
De enige man in een vrouwenteam.
De enige vrouw in een mannenteam.
De enige homoseksuele collega.
De enige medewerker met een migratieachtergrond.
De enige jonge medewerker tussen ouderen.
De enige oudere tussen jongeren.
De enige die anders denkt.
De enige die niet meedoet.
De enige die afwijkt van de norm van de groep.
Op papier lijkt dat misschien niet zo belangrijk.
Maar voor mensen maakt het vaak meer verschil dan ze verwachten.
Want ergens bij horen is niet zomaar prettig.
Het is een van de meest fundamentele menselijke behoeften.
Mensen zijn gemaakt voor verbinding
Vanuit de evolutie gezien was erbij horen letterlijk een kwestie van overleven.
Wie werd buitengesloten, liep gevaar.
Wie onderdeel was van de groep, had meer kans om te overleven.
Ons brein draagt daar nog steeds sporen van.
Daarom voelen afwijzing, uitsluiting of buitensluiting vaak zo intens.
Niet omdat mensen zich aanstellen.
Maar omdat ons zenuwstelsel sociale veiligheid nog steeds behandelt als iets van levensbelang.
Misschien verklaart dat waarom veel mensen spanning voelen wanneer zij de enige zijn.
Wanneer je afwijkt van de meerderheid, val je meer op.
Mensen onthouden sneller wat je zegt.
Je fouten vallen eerder op.
Daardoor ontstaat soms een gevoel van zichtbaarheid dat vermoeiend kan zijn.
Alsof je voortdurend iets meer bekeken wordt dan anderen.
Niet altijd omdat anderen daadwerkelijk kijken.
Maar omdat je je bewust bent van het verschil.
Je wordt soms een vertegenwoordiger
Een bijzonder effect van “de enige zijn” is dat mensen soms niet meer alleen als individu worden gezien.
Je wordt ook vertegenwoordiger van een groep.
Plotseling lijken opmerkingen of gedrag iets te zeggen over meer dan alleen jezelf.
Want niemand wil gereduceerd worden tot één kenmerk.
Mensen willen gezien worden als volledig mens.
Erbij horen of jezelf zijn
Voor veel mensen ontstaat een subtiele spanning.
En hoe zorg ik tegelijkertijd dat ik erbij hoor?
Sommigen gaan zich meer aanpassen.
Anderen gaan juist harder hun mening geven.
Weer anderen trekken zich langzaam terug.
Geen van deze reacties is vreemd.
Het zijn allemaal manieren waarop mensen proberen om te gaan met een situatie waarin verbondenheid en authenticiteit onder druk komen te staan.
Voor sommige mensen raakt het “de enige zijn” aan iets ouds.
Aan ervaringen uit hun jeugd.
Kinderen die zich vroeger al anders voelden, kunnen diezelfde gevoelens later opnieuw tegenkomen in groepen.
Niet omdat de situatie hetzelfde is.
Maar omdat het gevoel herkenbaar is.
Ons verleden reist vaak ongemerkt met ons mee.
Het probleem is niet het verschil
Misschien is dit wel het belangrijkste.
Het probleem is meestal niet dat mensen verschillen.
Mensen verschillen altijd.
Het probleem ontstaat wanneer verschillen betekenen dat iemand minder ruimte krijgt.
Of minder het gevoel heeft erbij te horen.
Dan wordt verschil een risico.
Terwijl verschil juist een kracht kan zijn.
Iedere groep stelt uiteindelijk dezelfde vraag aan haar leden:
“Mag jij hier jezelf zijn?”
Niet een aangepaste versie.
Niet een veiligere versie.
Niet een versie die precies past bij de norm.
Want mensen functioneren het best wanneer zij twee dingen tegelijk mogen ervaren:
Misschien is dat wel de essentie van psychologische veiligheid.
Niet dat verschillen verdwijnen.
Maar dat verschillen niet langer bepalen of iemand welkom is.
Want uiteindelijk wil bijna ieder mens hetzelfde.
Niet hetzelfde zijn als de rest.
“Ik hoor erbij, precies zoals ik ben.”