Waarom sommige mensen pas vastlopen wanneer het eindelijk veilig wordt
Over waarom klachten soms niet ontstaan tijdens moeilijke periodes, maar juist wanneer de rust terugkeert
Door Fred Hooft, systeemtherapeut
Veel mensen denken dat psychische klachten vooral ontstaan wanneer het leven zwaar is.
Tijdens stress. Bij verlies. In een crisis.
En soms is dat ook zo.
Maar in de praktijk zie ik regelmatig iets anders gebeuren.
Mensen die jarenlang hebben gefunctioneerd onder hoge druk. Die veel hebben meegemaakt. Die hebben gezorgd, gepresteerd, volgehouden en doorgezet.
En juist wanneer het eindelijk rustiger wordt, lopen ze vast.
Ze raken vermoeid. Somber. Angstig. Emotioneel. Of merken dat ze zichzelf ineens niet meer herkennen.
Dat voelt vaak verwarrend.
Want waarom gebeurt dit nu?
Het gaat toch juist beter?
Overleven vraagt vaak alle aandacht
Wanneer mensen langdurig onder spanning staan, schakelen ze vaak over op een vorm van overleven.
Niet bewust.
Maar het lichaam en de geest richten zich op wat nodig is om door te gaan.
Er moet gewerkt worden. Voor kinderen gezorgd. Problemen opgelost.
Er is weinig ruimte om stil te staan bij wat iets werkelijk met je doet.
De focus ligt op functioneren.
Niet op voelen.
Veiligheid maakt ruimte voor wat eerder geen plek kreeg
Wanneer de omstandigheden verbeteren, verandert er iets.
De voortdurende alertheid neemt af.
De druk wordt minder.
En juist dan ontstaat ruimte voor gevoelens die lange tijd op de achtergrond zijn gebleven.
Verdriet. Angst. Eenzaamheid. Boosheid. Uitputting.
Niet omdat deze gevoelens nieuw zijn.
Maar omdat er eindelijk genoeg veiligheid ontstaat om ze toe te laten.
Wat jarenlang werd weggedrukt, krijgt ineens aandacht.
Het lijkt achteruitgang, maar is vaak iets anders
Veel mensen schrikken daarvan.
Ze denken dat het slechter met hen gaat.
Dat ze zwakker zijn geworden.
Dat ze de controle verliezen.
Maar vaak is het tegenovergestelde waar.
Soms is vastlopen juist een teken dat het overleven niet langer nodig is.
Dat er ruimte ontstaat voor verwerking.
Dat het systeem langzaam durft los te laten wat het zo lang heeft vastgehouden.
Dat proces voelt zelden prettig.
Maar het is vaak een belangrijk onderdeel van herstel.
Niet alles wat pijn doet is een teken dat het misgaat
In therapie proberen we klachten niet alleen te zien als symptomen die moeten verdwijnen.
We onderzoeken ook wat ze vertellen.
Waarom ze juist nu verschijnen.
Wat er mogelijk lange tijd geen plek heeft gekregen.
Want soms ontstaat psychische pijn niet doordat iemand onvoldoende sterk is geweest.
Maar juist doordat iemand te lang sterk heeft moeten zijn.
En dan blijkt dat vastlopen soms geen teken is van falen.
Maar van een systeem dat eindelijk veilig genoeg is geworden om te voelen wat al die tijd heeft moeten wachten.
Soms begint herstel niet wanneer de strijd begint, maar wanneer die eindelijk voorbij is.
Fred Hooft, systeemtherapeut